Beleid
Inleiding
Het onderstaande stuk is een gedeelte (hoofdstuk 5.1) uit het Meerjarenbeleidsplan 2009-2015, dat de KNHB heeft gepresenteerd op haar ALV d.d. 6 juni jl. Het volledige plan is te vinden op de homepage van de KNHB. In hoofdstuk 5.1 presenteert de KNHB Academie haar beleid voor de toekomst. De KNHB Academie houdt u regelmatig op de hoogte van de ontwikkelingen en de stand van zaken. Indien u vragen heeft, kunt u contact opnemen met paul.de.ruijter@knhb.nl
Goed hockey begint bij goed kader
5.1 Kwaliteit van opleidingen
Hockey wordt steeds populairder. In het seizoen 2008-2009 waren er op het veld 9.408 elftallen (vanaf jongens/meisjes D11) actief, waar dat tien jaar geleden nog 6.979 was. Het aantal teams in de categorie Jongste Jeugd is in zes jaar tijd bijna verdubbeld (van 2.471 naar 4.714), terwijl in diezelfde periode het aantal zaalteams is gestegen van 2.530 naar 4.827. Meer teams betekent ook dat er meer trainers, coaches en scheidsrechters nodig zijn.
5.1.1 Hoofddoelstelling:
In 2015 heeft elke hockeyer een competente trainer, coach en scheidsrechter.
Naast kwantitatieve groei van het kader is tevens een kwaliteitsslag vereist, om aan de groeiende ambities van de verenigingen te voldoen. De KNHB wil de kwaliteit verbeteren door middel van het blijven opleiden van kader, het ondersteunen van verenigingen en het organiseren van kennisuitwisseling en -bundeling. De op te richten KNHB Academie zal daarbij een sleutelrol spelen.
5.1.2 Doelstelling:
In 2015 is de KNHB Academie hét kennis-, opleidings- en documentatiecentrum van de KNHB voor technisch en begeleidend kader op elk niveau. In 2010 gaat de KNHB Academie van start, waar alle activiteiten met betrekking tot deskundigheidsbevordering van kader worden georganiseerd. Na de lancering zal de
inrichting verder worden geoptimaliseerd. De KNHB Academie is een moderne, individueel georiënteerde opleidingsorganisatie die gebruikmaakt van alle moderne - lees: digitale - hulpmiddelen. Ieder kaderlid kan hier op elk gewenst moment de ondersteuning vinden die hij zoekt.
Bij de start in 2010 is de KNHB Academie ingericht voor het opleiden van technisch kader. Op termijn - uiterlijk in 2011 - zal dit worden uitgebreid met arbitrage, waarbij de opleidingen en ondersteuning van zowel technisch als arbitraal kader op bepaalde onderdelen sterk geïntegreerd worden. De kennis en ervaring van de Academie wordt tevens ingezet voor andere doelgroepen, zoals bestuurlijk kader en begeleiders van schoolhockey en G- en LGhockey.
5.1.3 Doelstelling:
In 2010 voltooit de KNHB de omslag van opleidingen oude stijl naar nieuwe stijl.
De KNHB werkte in het verleden, evenals de gehele georganiseerde sport in Nederland, op het gebied van opleidingen met een A-B-C-classificatie. Inmiddels zijn alle sportopleidingen overgestapt op de 1-2-3-4-5-kwalificatiestructuur, met een koppeling naar de Europese Kwalificatiestructuur Sportopleidingen. De KNHB heeft bij de opleidingen voor technisch kader niveau 2 en 3 inmiddels omgevormd tot de nieuwe stijl. In september 2010 moeten ook de cursussen op niveau 4 volgens de
nieuwe stijl gegeven worden.
Bij de arbitrage-opleidingen is de omvorming op niveau 4 afgerond. Op niveau 2 is gestart met de implementatie, terwijl de omvorming van niveau 3 in seizoen 2009-2010 van start gaat. In onderstaand overzicht staat in de middelste kolom de doelgroep beschreven, met in de buitenste kolommen de bijbehorende opleiding op het gebied van technisch kader en arbitrage. In de overige kolommen is vermeld tot welk niveau deze opleiding behoort volgens de nieuwe stijl.

Cursist staat centraal: Naast de aanpassing van de kwalificatiestructuur is ook de inhoud en aanpak van de cursussen gewijzigd. De verantwoordelijkheid ligt meer bij de cursist, die in zijn eigen tempo die leerstof tot zich neemt en die praktijkoefeningen doet die hij nodig heeft.
De cursus wordt niet meer afgesloten met een examen, maar met een Proeve van
Bekwaamheid (PvB), waarbij een PvB-beoordelaar de portfolio van de cursist toetst. Bij arbitrage hoeven cursisten op niveau 2 (begeleider Jongste Jeugd) geen PvB af te leggen.
5.1.4 Doelstelling:
De KNHB wil meer technisch kader en scheidsrechters opleiden.
In 2009 heeft de KNHB 1.034 cursisten technisch kader afgeleverd. Voor 2015 zet de KNHB in op een verdubbeling van dit aantal per jaar. Ook voert de KNHB actief beleid om in deze periode het aantal bondsscheidsrechters te verhogen van 750 naar 1.000. De prognose uit het Masterplan Arbitrage - 1.200 bondsscheidsrechters in 2010 - is naar beneden bijgesteld, aangezien de laatste jaren de uitstroom groter was dan de instroom.
Optimale communicatie: De opleidingen van de KNHB Academie moeten goed voor het voetlicht worden gebracht, om niet alleen verenigingen maar ook potentiële cursisten op de hoogte te brengen van alle mogelijkheden en activiteiten. Door middel van aansprekende communicatie kunnen mensen worden geënthousiasmeerd voor het vervullen van kadertaken op het technisch en arbitraal gebied. Hiervoor kan onder meer gebruik worden gemaakt van knhb.nl, hockey.nl (zowel de website als het blad), nieuwsbrieven voor diverse doelgroepen
en narrow casting in de clubhuizen.
Meer begeleiding van enthousiaste scheidsrechters: Alle hockeyers vanaf 16 jaar moeten een spelregelcursus volgen, examen doen en een scheidsrechterskaart halen. Iemand die voldoende kennis heeft van de theoretische basis (de spelregels), is echter niet meteen een goede scheidsrechter. Het begint eigenlijk pas op het moment dat je je kaart hebt gehaald; hierna moeten allerlei andere competenties verder worden ontwikkeld, zoals persoonlijke uitstraling, communicatie, management, controle, etc.
De KNHB stimuleert clubs om praktijkbegeleiding op te zetten voor cursisten die de
theoretische spelregelcursus met succes hebben afgerond en die plezier in het fluiten hebben. Hier kunnen zij verder worden geschoold in de praktijk. Op deze manier kan kwantiteit worden omgezet in kwaliteit.
5.1.5 Doelstelling:
Er zijn in 2015 voldoende opleiders om de cursussen nieuwe stijl te verzorgen.
De opleiders spelen een cruciale rol in het verbeteren van de kwaliteit van het kader. De opleidingen nieuwe stijl kennen vijf verschillende docentrollen. De KNHB levert hoofdopleiders, leercoaches, experts en PvB-beoordelaars, terwijl de verenigingen verantwoordelijk zijn voor het aanstellen van praktijkbegeleiders.
KNHB-opleiders: De eerste doelstelling is om de huidige KNHB-opleiders - zowel bij de opleidingen arbitrage als technisch kader - om te scholen naar de nieuwe stijl. De volgende slag is permanente educatie van de opleiders, bijvoorbeeld door middel van nieuwsbrieven en het aanbieden van verdiepingscursussen en workshops, gedifferentieerd naar rollen en niveaus. Op het gebied van deskundigheidsbevordering van hoofdopleiders trekken de afdelingen Arbitrage en Opleidingen reeds gezamenlijk op.
Praktijkbegeleiders: De verenigingen zijn zelf verantwoordelijk voor het aanstellen van een praktijkbegeleider, die de cursist helpt bij het uitvoeren van de praktijkopdrachten in de eigen hockeyomgeving. De KNHB onderzoekt de mogelijkheid om per district een poule te vormen van opgeleide praktijkbegeleiders die kunnen worden ingehuurd door clubs die geen of onvoldoende praktijkbegeleiders voor technisch kader kunnen leveren. In 2015 beoogt de KNHB dat elke vereniging voldoende opgeleide praktijkbegeleiders voor arbitrage en
technisch kader binnen de gelederen heeft.
5.1.6 Doelstelling:
In 2015 zijn alle clubs sterke leerverenigingen.
Sterke leervereniging: Verenigingen spelen een belangrijke rol in de kwaliteit van kader, met name in opleidingen nieuwe stijl waarbij cursisten een deel van hun opleiding uitvoeren in de eigen praktijk. Dit vraagt van clubs dat ze zich meer professionaliseren op het gebied van kaderbegeleiding. Een goede organisatie voor het opleiden van trainers, coaches, begeleiders en scheidsrechters is vereist. Verenigingen die hierbij ondersteuning willen, kunnen een beroep op de KNHB - en vanaf 2010 specifiek op de KNHB Academie. Deze treedt op als intermediair en kan clubs koppelen aan haar samenwerkingspartners die de vereniging begeleiden bij het opstellen en uitvoeren van het technisch beleid. Andere manieren waarop clubs de kwaliteit van hun kader kunnen vergroten is door het organiseren van thema-avonden voor verschillende doelgroepen en het aanbieden van cursussen.
Erkend leerbedrijf: De KNHB stimuleert alle clubs zich te ontwikkelen tot sterke
leervereniging. Daarnaast kunnen clubs een certificering aanvragen als erkend leerbedrijf, zodat studenten van beroepsopleidingen (ROC Sport & Bewegen, CIOS, ALO) stage kunnen lopen binnen de hockeyclub. Hierbij is sprake van een
win-winsituatie; de student kan zich binnen de sterke leervereniging verder ontwikkelen, terwijl de club de stagiair kan inzetten voor het geven van trainingen, het coachen van wedstrijden of het organiseren van activiteiten. Ook kunnen stagiairs als scheidsrechters of praktijkbegeleider bij wedstrijden optreden. Voor verenigingen die (willen) fungeren als erkend leerbedrijf is er een stappenplan
beschikbaar, zodat studenten van beroepsopleidingen makkelijk aan het werk kunnen binnen de club.
5.1.7 Doelstelling:
Alle kaderleden moeten toegang hebben tot kennisbronnen waarmee ze zich verder
kunnen ontwikkelen.
ELO: Binnen de opleidingen nieuwe stijl wordt gewerkt met de ELO (Elektronische Leer Omgeving), waarbinnen de cursisten - begeleid door een leercoach - hun leerprogramma volgen. Halverwege 2009 was de ELO nog niet volledig ingericht. De KNHB zet zich in om deze leeromgeving verder in te vullen en te blijven doorontwikkelen. Als de ELO voor opleidingen technisch kader is ingericht, volgt de leeromgeving voor arbitragecursisten.
Mediatheek: Bij de opleidingen wordt in toenemende mate gebruikgemaakt van
beeldmateriaal, bijvoorbeeld van beelden die met Sports Brother zijn opgenomen. Deze visuele ondersteuning wordt toegevoegd aan de uitgebreide mediatheek, die eveneens literatuur over tal van onderwerpen bevat. De KNHB zal deze informatie de komende tijd actualiseren en digitaliseren. De mediatheek is op dit moment uitsluitend toegankelijk voor cursisten en opleiders. Op termijn wil de KNHB iedereen de mogelijkheid bieden zich te abonneren op de mediatheek.
Evenals bij de ELO is de inrichting van de mediatheek momenteel gericht op de opleidingen technisch kader, met als doel dit vervolgens uit te breiden naar arbitrage.
Overige kennisbronnen technisch kader: Het online Vakblad Hockey is al enige tijd niet meer actief, maar geïnteresseerd technisch kader kan zich met ingang van seizoen 2009-2010 abonneren op tien artikelen per jaar waarin nader wordt ingaan op een actueel thema. Jaarlijks organiseert de KNHB een Technisch Kader Congres met specifieke aandacht voor verschillende doelgroepen. Ook op regionaal niveau wordt kennis gedeeld, bijvoorbeeld tijdens bijscholingsbijeenkomsten. Tijdens deze bijscholingen voor technisch kader, die twee keer per seizoen in de zes districten plaatsvinden, staat steeds een wisselend thema centraal. In seizoen 2009-2010 is de bijscholing, die visueel wordt ondersteund door middel van een dvd, gericht op loopscholing en krachttraining.
Overige kennisbronnen arbitrage: Voor scheidsrechters staat om het jaar een Arbitrage Congres op het programma. Daarnaast zijn er driemaal per jaar briefings en diverse bijscholingen, zowel landelijk als in het district. Ter ondersteuning van docenten die op verenigingen de cursus voor clubscheidsrechter verzorgen, heeft de KNHB de ‘moderne behangerskist’ ontwikkeld; een USB-stick met hierop al het benodigde ondersteunend materiaal voor het geven van de cursus. Daarnaast heeft de KNHB een dvd uitgebracht met arbitragetips voor bondsscheidsrechters, met als thema positionering. Voor arbitrage op alle niveaus is momenteel een dvd in ontwikkeling met spelregeltechnische situaties. Deze beelden kunnen in de toekomst worden gebruikt als visuele ondersteuning in de opleidingen.
Regionale netwerken: In 2015 wil de KNHB jaarlijks in alle districten een netwerkbijeenkomst organiseren voor de verschillende doelgroepen technisch kader, waarbij kaderleden kennis en ervaringen kunnen delen.
5.1.8 Doelstelling:
De KNHB geeft extra aandacht aan de kaderontwikkeling voor de Jongste Jeugd.
De Jongste Jeugd is al jaren een sterk groeiende categorie. De opleiding van begeleiders en trainers voor deze doelgroep bleef de laatste jaren echter achter bij de groei. Extra aandacht is daarom vereist, om te zorgen dat ook de jongste hockeyers optimaal begeleid worden.
Begeleider Jongste Jeugd: De KNHB heeft lesmateriaal ontwikkeld waarmee clubs zelf een cursus kunnen verzorgen voor Begeleider Jongste Jeugd. Deze opleiding, die is ontwikkeld in nauwe samenwerking tussen de afdelingen Arbitrage en Opleidingen, is vooral geschikt voor ouders en oudere jeugdleden. Inmiddels wordt deze cursus, die duidelijk in een behoefte voorziet, in het hele land binnen en door clubs zelf gegeven. Het begin is gemaakt; de echte uitrol volgt in seizoen 2009-2010.
(Bij)scholing technisch kader Jongste Jeugd: De KNHB verzorgt clubthema-avonden voor trainers en coaches van de D-E-F-jeugd, waarbij zij onder deskundige begeleiding van een KNHB-docent van gedachten kunnen wisselen. Daarnaast wordt ingegaan op een inhoudelijk thema, zoals ‘Training geven aan de Jongste Jeugd’ of ‘Technieken voor jeugdelftallen’.
Module voor trainerscoördinator: De KNHB ontwikkelt een module voor trainerscoördinatoren, zodat zij onder anderen trainers van de Jongste Jeugd effectiever kunnen aansturen.
5.1.9 Doelstelling:
In 2015 kan dankzij een landelijke dekking van opleidingsbolwerken iedereen een
kadercursus in zijn eigen omgeving volgen. De opleidingen van de KNHB waren vraaggestuurd georganiseerd, wat niet altijd effectief is en de nodige vertraging oplevert. Daarom wordt de werkwijze meer aanbodgericht. De KNHB gaat in haar opleidingsbolwerken structureel en met een landelijke dekking opleidingen
aanbieden, met behulp van haar samenwerkingspartners. Ook de hockeyluwe regio’s van het land worden op deze manier bediend. De KNHB ziet toe op de handhaving van kwaliteit.
In 2015 hoopt de KNHB landelijke dekking te hebben met deze bolwerken, waarbij de opleidingen kunnen worden verzorgd binnen samenwerkende verenigingen, maar ook met behulp van samenwerkingspartners zoals onderwijsinstellingen. Wat betreft dat laatste zet de KNHB voor 2015 in op een samenwerking met 10 ROC’s en 50 scholen voor voortgezet onderwijs.
Deze bolwerken richten zich allereerst op het opleiden van trainers en coaches. Zo kan een docent Lichamelijke Opvoeding die tevens KNHB-leercoach is tijdens schooluren een technisch kader niveau 2-cursus (voorheen de JHT-cursus) verzorgen voor de leerlingen. Ook is het mogelijk om via deze bolwerken opleiders te werven, door proactief docenten lichamelijke opvoeding of afgestudeerde studenten van een ROC Sport & Bewegen, CIOS of ALO te benaderen die een opleiding tot hockeytrainer hebben gevolgd.
De KNHB onderzoekt hoe in de toekomst bij deze opleidingsbolwerken voor technisch kader ook arbitrage kan worden geïntegreerd.